Vlaams Brabant Oost

Commandant van de zone : Dirk DECOSTER
Voorzitter van de zone : Manu Claes

Brandweerkorpsen

De zone omvat de volgende brandweerkorpsen:

  • Brandweer Aarschot
  • Brandweer Diest
  • Brandweer Landen
  • Brandweer Leuven en zijn bijhorende voorpost in Haacht
  • Voorpost Lint, maakt deel uit van Brandweer Edegem
  • Brandweer Overijse
  • Brandweer Tienen

Gemeentes: Aarschot, Begijnendijk, Bekkevoort, Bertem, Bierbeek, Boortmeerbeek, Boutersem, Diest, Geetbets, Glabbeek, Haacht, Herent, Hoegaarden, Hoeilaart, Holsbeek, Huldenberg, Kampenhout, Keerbergen, Kortenaken, Landen, Leuven, Linter, Lubbeek, Oud-Heverlee, Overijse, Rotselaar, Scherpenheuvel-Zichem, Tervuren, Tielt-Winge, Tienen, Tremelo, Zoutleeuw

https://oost-vlaams-brabant.hulpverleningszone.be/


Afgevaardigden V.S.O.A. zone Vlaams Brabant Oost

Contact verantwoordelijk voor de comité:

firefighter@vsoa-g2.eu

Firefighter.VL@vsoa-g2.eu 

Verhoelst Peter

peterverhoelst@gmail.com

Rummens Davy

davyrummens@hotmail.com

Bart Noyens

Firefighter.VL@vsoa-g2.eu 

Labourdette Eric

firefighter@vsoa-g2.eu


Agenda 24.03.2022

Punten veiligheid

· Omstandig verslag ernstig arbeidsongeval

· Jaaractieplan

Andere punten

· Tweede pensioenpijler contractueel personeel

Ter onderhandeling:

-toetreding tot OFP Rolocus en startdatum (voorstel: 01/01/2022)

-pensioentoezegging (voorstel: 3%)

-kaderrreglement, indien er hierover nog geen protocol is in Comité C1

-aanpassing statuut administratief personeel

Ter informatie:

-Financieringsplan

-Verklaring inzake beleggingsbeginselen

Alle info over het aanbod van nieuwe tweede pensioenpijler is terug te vinden op de website van VVSG en Prolocus.

· Personeelsplan 2022 e.v.


Beste,

Het VSOA wenst de volgende punten op de dagorder van de volgende CPBW te plaatsen :

  • Het VSOA vraagt advies aan IPBW en EPBW betreffende sociale voorzieningenter beschikking van de werknemers (Sanitaire installaties, inzonderheid kleedkamers, wastafels, douches en toiletten, refter, rustlokaal en lokaal voor de zwangere werkneemsters en de werkneemsters die borstvoeding geven) in de posten van de zone.

Documentatie : Art. III.1-39, art. III.1-40, art. III.1-41, art. III.1-32, art. III.1-44, art. III.1-45 et art. III.1-46 van boek III, titel 1er van de CODEX.

Art. III.1-39. De werkgever stelt de volgende sociale voorzieningen ter beschikking van de werknemers:

1° sanitaire installaties, inzonderheid kleedkamers, wastafels, douches en toiletten;

2° een refter;

3° een rustlokaal;

4° een lokaal voor de zwangere werkneemsters en de werkneemsters die borstvoeding geven.

Hij bepaalt de ligging, de inrichting en de uitrusting van de sociale voorzieningen na advies van de preventieadviseur-arbeidsarts en het Comité.

Art. III.1-41. De lokalen waarin zich sociale voorzieningen bevinden zijn voldoende ruim bemeten en bieden alle waarborgen inzake veiligheid en hygiëne.
Ze worden verlucht, verlicht en verwarmd in functie van hun bestemming.
Ze worden voorzien van meubilair dat beantwoordt aan de bestemming van het lokaal en ze zijn gemakkelijk toegankelijk.

Art. III.1-44. De kleedkamers, wastafels en douches bevinden zich in één of verschillende lokalen die volledig gescheiden zijn van de arbeidsplaats.

Zij mogen in één enkel lokaal worden ingericht of in aanpalende lokalen die met elkaar in verbinding staan.

Deze lokalen moeten op slot kunnen worden gedaan.

Art. III.1-45. Er wordt voorzien in aparte kleedkamers, douches en toiletten voor mannen en vrouwen.

Wanneer er enkel wastafels aanwezig zijn, omdat er geen douches vereist zijn, wordt er voorzien in aparte wastafels voor mannen en vrouwen.

· Het VSOA vraagt advies aan IPBW en EPBW betreffende kleedkamers ter beschikking van de werknemers in de posten van de zone.

Documentatie : Art. III.1-48 en bijlage III.1-1. boek III, titel 1 van CODEX.

  1. 1.2. Uitrusting

De kleedkamers zijn uitgerust met, hetzij gewone kapstokken met kleerhaken, hetzij individuele kleerkasten, die gemakkelijk schoon te maken zijn. De afstand tussen twee rijen kleerhangers, kapstokken of individuele kleerkasten bedraagt tenminste 1,20 m. Indien gebruik wordt gemaakt van kleerhangers of gewone kapstokken, moeten bovendien rijen van individuele opbergvakken aanwezig zijn, waarvan de minimum binnenafmetingen 30 cm breed, 25 cm hoog en 30 cm diep zijn en waarvan de deur doorboord is of voorzien is van traliewerk zodat de verluchting en discretie verzekerd zijn. Indien gebruik wordt gemaakt van individuele kleerkasten, zijn deze volledig door volle tussenschotten van elkaar gescheiden.

Binnenin moeten ze tenminste 30 cm breed, 48 cm diep en 1,60 m hoog zijn. Zij zijn bovenaan voorzien van ten minste een kleerhaak en van een legplank. De kleerkasten en de individuele vakken worden volkomen net gehouden en worden doeltreffend verlucht. Indien de kleerkasten mechanisch verlucht worden en in zover de uitgevoerde werken geen risico inhouden op bevuiling, intoxicatie of besmetting mag de breedte van de kasten teruggebracht worden tot 25 cm, mits gunstig advies van het Comité.

Deze kleerkasten dienen evenwel bovenaan niet voorzien te zijn van een legplank en hun hoogte aan de binnenzijde mag beperkt worden tot 1,40 m, op voorwaarde dat tenminste twee kleerhaken voorzien zijn en ze ten minste 37,50 cm breed zijn. De kleerhaken van de gewone kapstokken moeten door vrije tussenruimten van ten minste 30 cm van elkaar gescheiden zijn.

In geval er verscheidene rijen van kleerhaken bestaan, wordt ertussen een afstand van tenminste 1,20 m gelaten. Wanneer een enkele kleerkast met twee volledig gescheiden vakken, die ieder voldoen aan de afmetingen bepaald in de vorige leden wordt gebruikt, zijn er in elk geval een kleerhaak als- mede, bovenaan, een legplank ofwel tenminste twee kleerhaken naar gelang dat de vakken aan de binnenzijde al dan niet 1,60 m hoog zijn.

· Het VSOA vraagt advies aan IPBW en EPBW betreffende wastafels en douches ter beschikking van de werknemers in de posten van de zone.

Documentatie: Art. III.1-49, art. III.1-50, art. III.1-52, art. III.1-53, art. III.1-54 boek III, titel 1 CODEX.

Art. III.1-49.- De wastafels en douches worden ingericht in specifiek hiertoe bestemde lokalen. De wastafels mogen evenwel ingericht worden in de toiletten indien de aard van het werk en de afwezigheid van risico's dit rechtvaardigen en mits het akkoord van het Comité werd bekomen.

Art. III.1-50.- Wanneer de werknemers ingevolge de aard van het werk dienen gebruik te maken van de wastafels zorgt de werkgever ervoor dat er per drie werknemers die gelijktijdig hun arbeidstijd beëindigen, tenminste één kraan is. Dit aantal mag evenwel verminderd worden tot één kraan per vijf werknemers die gelijktijdig hun arbeidstijd beëindigen indien de aard van het werk en de daaraan verbonden risico's dit kunnen rechtvaardigen en voor zover het Comité hiermee akkoord is.

Art. III.1-52.- Indien de werknemers tijdens het werk hun handen moeten wassen, worden er wastafels in de nabijheid van de werkpost geïnstalleerd.

Art. III.1-53.- De werkgever stelt een douche met warm en koud water ter beschikking van de werknemers, indien:

1° de werknemers worden blootgesteld aan overmatige warmte;

2° de werknemers sterk bevuilend werk verrichten;

3° de werknemers worden blootgesteld aan gevaarlijke chemische of biologische agentia. Er wordt voorzien in één douche per groep van zes werknemers die gelijktijdig de arbeidstijd beëindigen. De doucheruimten zijn voldoende ruim bemeten om iedere werknemer in staat te stellen zich onder hygiënisch verantwoorde omstandigheden ongehinderd te wassen.

Art. III.1-54.- De werkgever stelt zonder kosten voor de werknemers voldoende toiletartikelen en, in voorkomend geval speciale reinigingsproducten evenals elke andere bijkomende uitrusting, ter beschikking van de werknemers.

Hij stelt eveneens voldoende handdoeken ter beschikking waarvan hij het onderhoud en de tijdige vervanging verzekert. Voor het drogen van de handen kan hij een ander middel ter beschikking stellen.

De inrichtingen van de douches bestaan uit afzonderlijke cabines.

Binnen elke cabine zijn er voorzieningen (bijvoorbeeld een kapstok of kleerhaak en legplank) die toelaten de persoonlijke bezittingen (bijvoorbeeld kleding, handdoek, bril...) droog op te bergen en één enkel stortbad. Deze cabines zijn ruim genoeg en op zulke wijze ingericht dat de gebruikers er zich volledig kunnen in afzonderen.

Zij zijn door ondoorzichtige wanden van ten minste 1,90 m hoog van elkaar gescheiden. Om het schoonmaken ervan te vergemakkelijken mag onderaan een vrije ruimte van ongeveer 15 cm worden gelaten. De douches zijn dermate ingericht dat de werknemers niet kunnen uitglijden of vallen.

De vloer van de cabines van de douches moet gemakkelijk schoongemaakt en ontsmet kunnen worden. De temperatuur van het water bedraagt 36 °C tot 38 °C en de werknemers worden niet blootgesteld aan tocht.

  • Het VSOA vraagt advies aan IPBW en EPBW betreffende toiletten ter beschikking van de werknemers in de posten van de zone.

Art. III.1-56.- De toiletten bestaan uit één of meerdere individuele wc's en desgevallend urinoirs, samen met één of meerdere wastafels. De toiletten zijn volledig gescheiden voor mannen en vrouwen, en bevinden zich dicht bij hun werkpost, de rustlokalen, de kleedkamers en de douches.

Art. III.1-57.- Het aantal individuele wc's bedraagt tenminste 1 per 15 mannelijke werknemers die gelijktijdig worden tewerkgesteld en ten minste 1 per 15 vrouwelijke werknemers die gelijktijdig worden tewerkgesteld.

Het VSOA vraagt advies aan IPBW en EPBW betreffende lokaal voor de zwangere werkneemsters en de werkneemsters die borstvoeding geven.

Documentatie: Art. III.1-62 boek III, titel 1 CODEX.

Het VSOA herinnert eraan dat wanneer een representatieve vakorganisatie aan de voorzitter van een overlegcomité schriftelijk vraagt een aangelegenheid betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk op de dagorde te plaatsen, dient hij het comité zo spoedig mogelijk bijeen te roepen, en uiterlijk dertig dagen na ontvangst van de vraag.


Globaal preventieplan 2019-2025

Legislatuur 2019-2025

Risicoanalyse op punt stellen, harmoniseren van bestaande informatie en procedures, op punt stellen van zonaal geharmoniseerde werkwijzen met het ook op de veiligheid en het welzijn:

 Stapsgewijze verfraaiing van de gebouwen, ifv noden

 Geharmoniseerde procedures omtrent veiligheid van materiaal: indienststellingen, keuringen, ...

 Geharmoniseerd welzijnsbeleid op basis van de risiscoanalyse psychosociale aspecten

 Geharmoniseerd beleid fysieke paraatheid

Jaaractieplan 2019

Op punt stellen globaal preventieplan

Doel: systematiek uitwerken in de manier van inventariseren en opvolgen van de werkpunten op vlak van welzijn en preventie. Gebouwverantwoordelijke aanstellen voor opvolging van de werken aan gebouwen.

Actieplan extreme temperaturen

Doel: maatregelen om het welzijn van de medewerkers te verhogen bij extreme koude of warme buitentemperaturen

Risicoanalyse psychosociale aspecten

Doel: uitvoeren van de risicoanalyse

Op punt stellen risicoanalyse

Doel: in kaart brengen van de risico's op de tewerkstellingsplaatsen van onze zone. In 2019: risicoanalyse elektromagnetische velden, asbestinventaris, BA4/BA5 opleiding en bevoegdheden toekennen

Welzijn: zonale procedures invoeren

Doel: geharmoniseerde opvolging van problematieken ivm welzijn. In 2019: verzuimbeleid op maat van de zone, alcohol- en drugbeleid, moederschapsbescherming.

Jaaractieplan 2020

Actieplan psychosociaal welzijn

Doel: maatregelen nemen die voortvloeien uit de risicoanalyse psychosociale aspecten

Op punt stellen risicoanalyse

Doel: in kaart brengen van de risico's op de tewerkstellingsplaatsen van onze zone. In 2020: risicoprofielen per functie updaten ism EDPW, evaluatie en update van de procedure medische onderzoeken ism EDPW

Preventie & veiligheid in het zonehuis

Doel: afspraken omtrent veiligheid voor het personeel van het zonehuis maken en uitvoeren, afgestemd op andere gebouwgebruikers (gemeente Herent, politie): EHBO-opleiding voor aangeduide personen, brandevacuatieoefening

Energieaudit in de zonegebouwen

Doel: maatregelen onderzoeken om invloed van extreme buitentemperaturen in de gebouwen te minimaliseren op een effectieve en efficiënte manier (bijvoorbeeld: airco plaatsen, of zonnewering, of ....?)

Verfraaiing van de gebouwen

Doel: vastgestelde mankementen aan de gebouwen van de zone stapsgewijs wegwerken


Geachte,

Vanuit VSOA hadden we graag volgende agendapunten willen toevoegen:

We vragen meer toelichting omtrent verslagen bedrijfsbezoeken 2018:

De kleedkamers worden zodanig uitgerust met kleerkasten dat elke werknemer zijn kleding tijdens de werktijd achter slot en grendel kan bewaren. Is dit het geval in elke post?

Wanneer de werknemers worden blootgesteld aan vocht of vuil of wanneer er een risico is op intoxicatie of besmetting beschikken zij over twee individuele kleerkasten, de ene voor de eigen kledij, de andere voor de werkkledij. Is dit het geval in elke post?

De werkgever stelt zonder kosten voor de werknemers voldoende toiletartikelen en, in voorkomend geval speciale reinigingsproducten evenals elke andere bijkomende uitrusting, ter beschikking van de werknemers. Hij stelt eveneens voldoende handdoeken ter beschikking waarvan hij het onderhoud en de tijdige vervanging verzekert. Voor het drogen van de handen kan hij een ander middel ter beschikking stellen. Is dit het geval in elke post?

De toiletten zijn volledig gescheiden voor mannen en vrouwen, en bevinden zich dicht bij hun werkpost, de rustlokalen, de kleedkamers en de douches. Is dit het geval in elke post?

De werkgever maakt een inventaris op van al het asbest en alle asbesthoudend materiaal in alle delen van de gebouwen (met inbegrip van de eventuele gemeenschappelijke delen), en in de arbeidsmiddelen en beschermingsmiddelen op de arbeidsplaats. Indien nodig vraagt hij hiertoe alle nuttige informatie op bij de eigenaren. Is dit het geval voor elke post?

Mvg,


Eric LABOURDETTE

Verantwordelijke leider

VSOA-FGGA